Archief voor de ‘Doelgroep’ Categorie

fighting sheepWaar mensen zijn, zijn op z’n tijd conflicten. We zijn het nu eenmaal niet altijd met elkaar eens. We zien ieder op onze eigen manier de werkelijkheid. We hebben soms verschillende belangen en posities. Dan krijg je dat. Dat conflicten in kerken voorkomen is daarom ook onvermijdelijk. Kerken zijn mensenwerk. Dus ook in kerken zijn op z’n tijd conflicten. Toch is het vaak jammer als zo’n conflict er is. Het liefst zou je allemaal in vrede met elkaar samenleven. Het ideaal is: vergeven, elkaar in wijsheid terechtwijzen, mezelf minder achten dan de ander. Maar dat ideaal wordt soms niet gehaald. Dan staan mensen met kille harten en hete hoofden tegenover elkaar. Ook in de kerk. Rottig. “Dit is toch niet christelijk”, hoor je dan zeggen. Maar als het niet christelijk is, wat is het dan wel?

De amerikaanse theologe Penny Becker bestudeerde conflicten in 23 kerken rond Chicago. Wat zij ontdekte was dat in het rottige van het conflict misschien ook iets nuttigs steekt. Wat zij namelijk zag is dat ieder conflict te maken heeft met de manier waarop een kerk in elkaar steekt. Elke kerk vindt dat er een bepaalde kerntaak is. En die kerntaak, die is nauw verbonden met het soort conflict dat typisch in die ene kerk kan ontstaan. Er zijn er vier. Vier soorten conflicten. Elke soort conflict heeft direct te maken met een soort opvatting over “dit is onze kerntaak”.fighting church

Zij zag bijvoorbeeld kerken die zeiden “wij zijn er voor de aanbidding, en we willen onze mensen helpen om zich geestelijk te ontwikkelen”. Als er in zulke kerken conflicten ontstonden, dan gingen die over geld, of over veranderingen in de eredienst en liturgische muziek. Iedereen die wat van kerken weet, weet ook hoe heftig zoiets kan zijn.

Ze zag ook kerken die hun familie-achtige verbondenheid met elkaar voorop stellen. Alle leden horen bij elkaar en beslissen samen over hoe “we” het doen. Ruzie in dat type kerk gaat vooral over buitenstaanders. Dat kan de predikant of pastor zijn. Dat kunnen nieuwe leden zijn. Mensen die zomaar met een nieuw idee komen. Dan ontstaat bonje.

Daarnaast zag ze kerken die open en uitnodigend willen zijn. Er wordt aan gemeenschapszin gewerkt. Geloof moet betekenisvol zijn voor individuele leden. Veranderingen worden normaal gevonden. Toch komen ook hier ruzies voor. Die gaan meestal over hoe de kerk z’n aanpak betekenisvoller en relevanter moet maken. Of er is onenigheid over maatschappelijke kwesties.

Tot slot zijn er de kerken die zichtbaar willen zijn in de lokale samenleving, die een predikant of pastor hebben die “naar buiten treedt”. Ruzies gaan in dat soort kerken vaak over de “juiste” positie van een kerk in de woonplaats, of over de beste aanpak waarmee de kerk invloed houdt.

Het bovenstaande betekent niet dat “iedere kerk het conflict krijgt dat ze verdient”. Dat hoor je wel eens. Maar is weer zo fatalistisch. Er is wel degelijk iets aan te doen. Dat een conflict er is, is jammer. Misschien zelfs rottig. Maar het kan ook nuttig zijn. Want het type conflict kan een kerk helpen om zichzelf te vraag te stellen: welk idee over een kerntaak hebben we? Zijn we daar misschien wat te eenzijdig, of te krampachtig mee bezig? Zo kan een conflict nuttig zijn, want het is een spiegel. De spiegel helpt je om te zien of je misschien een beetje doorgeschoten bent in je opvattingen. Is er niks belangrijker dan die ene soort muziek in de eredienst? Waarom? Is die maatschappelijke kwestie werkelijk de moeite waard om verwijderd te raken van elkaar? Misschien wordt het tijd om de bakens wat te verzetten. Of misschien kun je de stress wat opzij zetten en eerst eens aandachtig luisteren naar wat die “buitenstaander” te vertellen heeft.

Ruzie is rottig. Maar soms is ruzie ook nuttig. Want met het inzicht van Becker kan ruzie helpen om opnieuw te ontdekken wat de kerntaak van een kerk is. En daarmee komt weer boven tafel wat dat is in de kerkelijke praktijk: kunnen vergeven, elkaar in wijsheid terecht wijzen, jezelf minder durven achten dan de ander.fighting church peace

Kortom, ruzie in de kerk? Begin er niet aan, zou ik zeggen. Maar als het er is: geen paniek, je komt er verder mee.

Pieter van Winden

Advertenties

KERK2012: missionaire (on)mogelijkheden van Social Media

Op zaterdag 3 november is de landelijke congresdag over social media voor plaatselijke kerken. De dag vindt plaats op twee plekken in de stad Utrecht, en is bedoeld voor zowel beginners als gevorderden. Ieder maakt bij aanmelding vooraf een keuze uit het aanbod aan workshops.

Denk je dat social media een gevaar voor de privacy vormen? Daar is een workshop over. We nemen de bezwaren en aarzeling serieus.

Wil je wel aan de slag met social media maar weet je niet met welke en hoe? Meerdere workshops gaan op deze vraag in. Ook voor beroepsgroepen als voorgangers of gemeenteadviseurs.

Wil je weten hoe je social media in de liturgie integreert? Denk je dat social media gebruik ingrijpend invloed heeft op de kerkelijke structuur? Wil je weten waar je tekst en onderwerpen vandaan haalt om over te schrijven? Weet je met welk doel je er al dan niet aan begint? Over dit alles zijn workshops, gegeven door mensen met praktijkervaring.

De gevorderde kan praktijkervaring uitwisselen, of doorleren over organisatie, strategie en toepassingen.  De beginner komt thuis met een account en een helder idee over aanpak en doel. Bovendien lopen er technici rond die graag uw computervragen beantwoorden. Als u wilt, maakt u kennis met een kerkelijke jongere, die uw persoonlijke social-media-helpdesk wil zijn.

Toch wordt het geen dag over alles en dus over niets. De initiatiefgroep richt zich in samenspraak met de PKN op de missionaire toepassing. Bij alle workshops gaat het om de geloofsgemeenschap die met social media nieuwe contacten aangaat of bestaande contacten nieuw leven geeft. De dag staat open voor groepen uit alle denominaties. Want dat is één van de kenmerken van social media: vastgelegde kerkelijke grenzen worden voortdurend overschreden. Lastig? Wij als voorbereidingsgroep denken dat het missionaire mogelijkheden geeft.

Ds.Pieter van Winden, één van de initiatiefnemers: “In de praktijk merk ik hoe invloedrijk social media zijn voor de betrokkenheid van met name jongere generaties. Of ik dat nu wil of niet, het past precies bij de mentaliteit van vandaag. Daarom vind ik het van belang dat ook kerken bewust en vernieuwend met dit communicatiemiddel omgaan.”

De Kerk2012 dag begint om 10 uur met een korte social media viering in de Pniëlkerk in Utrecht, vlakbij het Landelijk Dienstencentrum. Daarop volgt een presentatie door trendwatcher en dagvoorzitter Richard Lamb. Er wordt een nieuwe boekuitgave getoond, en zijn er korte presentaties van initiatieven uit het land. Daarna kunt u op eigen gelegenheid of per aangeboden vervoer de 700 meter overbruggen naar het Landelijk Diensten Centrum. Daar wordt u een lunch aangeboden. Tijdens de lunch kan er genetwerkt worden, is er ontspanning en allerhande informatie, waarna de workshops in twee ronden plaatsvinden.

De dag wordt afgesloten met een forum 3.0. Denk niet aan een tafel met gewichtige heren. Deskundige mannen en vrouwen zullen er zijn. Maar de aanpak zal Kerk2012 zijn. Wie van ver komt en dat wil kan bij opgave een Indonesische  een maaltijd bestellen, die in de Pniëlkerk geserveerd zal worden.

Er is ruimte voor maximaal 150 deelnemers. Opgave vooraf kan tegen gereduceerd tarief voor €30. Aan de deur betaalt u €40. Voor de avondmaaltijd wordt een nog nader te bepalen gering bedrag in rekening gebracht.

Het overzicht van het complete programma, opgave en betaling starten over twee weken via de website www.kerk2012.nl

Op Twitter @kerk2012 en #kerk2012

Op Facebook te vinden als Kerk2012

Op zaterdag 3 november is de landelijke dag voor Social Media en kerken: de missionaire (on)mogelijkheden van Social Media. De deelnemers aan die dag kunnen kiezen uit meerdere “routes”: voor de sceptische beginner is er veel te vinden, maar ook voor de gevorderde gebruiker en ieder daar tussenin. Voor de diverse niveau’s is er praktische informatie, ontmoeitng met technici, met mensen van je eigen niveau, en nieuwe toepassingen over gebruik en strategische aanpak.  

Maar Kerk2012 is er zeker ook voor beginners. Daarover gaat deze blog. Als je beginner bent, en je wilt heel misschien wat met Social Media, waar begin je dan? Lees eens door, en laat me weten of je hiermee verder komt.

Het logo van 3 november: kom je ook?Social Media zijn veel in het nieuws. De namen komen voorbij in kranten, op TV en op internet: Twitter, Facebook, Myspace, Hyves enzovoorts. Is dat iets voor professionals en freaks? Of kan een eenvoudige kerk of verenging er ook wat mee? Dit artikel gaat daarover: je bent betrokken bij een non profit organisaties als een kerk. Of een vereniging. Wat kun je dan met Social Media bereiken? En waar begin je?

Zelf ben ik sinds een paar jaar gebruiker van Social Media. Als predikant van een gemeente in Utrecht heb ik het leren kennen. Het kost in het begin veel tijd. Maar het levert mij zoveel op, dat het me tijd bespaart. Hoe dat kan, en hoe je als vrijwilliger of predikant of internetenthousiasteling met social media start, leg ik je graag uit.

Wat kun je ermee bereiken?

Social media kun je goed inzetten bij de opbouw van een gemeenschap, bij het communiceren van je missie, en bij het betrekken van geïnteresseerden bij je werk. In de praktijk betekent dat voor mij dat ik contact houd met mensen die ik ken maar die ik niet vaak zie. Als part time predikant in twee stedelijke kerken ontmoet ik veel mensen op verschillende plekken. Het werkt voor mij goed om van hen te horen wat er in hun persoonlijke of werkzame leven gebeurt. Maar hoe vaak kom je elkaar tegen? En hoeveel bezoeken kan ik afleggen? Social Media ondersteunen het contact met honderden mensen die ik ken. Als we elkaar dan weer “live” tegen komen, dan kan ik er als pastor op aansluiten. Of ik neem tussentijds contact op. In een dorp zul je hier misschien niet veel behoefte aan hebben, omdat de gemeenschap van zichzelf al hecht is. In een stad maken social media van de wereld een dorp. Maar het werkt ook andersom. Via social media kan ik mensen laten delen in mijn werkzaamheden. Mijn privé leven zet ik er nooit op. Maar wat ik als predikant doe, daarin laat ik ieder die geïnteresseerd is graag delen. Het is voor velen schimmig wat een predikant feitelijk doet. Veel mensen denken dat je op zondag wat staat te preken, en dat dat het wel zo’n beetje is. Door op social media te delen waar ik mee bezig ben, vergroot ik kennis van wat er in een kerk speelt, betrokkenheid en bereidheid om mee te doen. Ik kan via social media ook mensen op elkaars pad brengen. Mensen leren elkaar kennen via social media, en kunnen dat live verder uitbouwen. Dat is bijvoorbeeld effectief bij de samenstelling van commissies of werkgroepen. Ook laat ik mensen soms meedenken over een dienst die ik aan het voorbereiden ben, of over een jaarthema of bepaalde activiteit. De input die dan komt is eigenlijk altijd erg goed, en vergroot ook de betrokkenheid.

Ik heb meegemaakt dat een pop concert in de wijkkerk –altijd lastig om te communiceren- 100 mensen trok, puur en alleen door bekendmaking ervan via social media door twee gemeenteleden. Want de één die het interessant vindt, deelt het met anderen van wie hij of zij denkt dat het interessant is, en al snel bereikt je bericht veel mensen wereldwijd.

Dat “wereldwijd” zet ik er express bij. Niet om social media belangrijker te maken dan het is. Maar social media hebben geen geografische grens. De voertaal kan beperkend werken. Maar in geen geval zijn er grenzen naar denominatie, lidmaatschap van kerk of vereniging, woonplaats, regio en dergelijke. Iedereen kan meelezen, tenzij je bewust bepaalde berichten afschermt.

Iemand stelde eens: een bericht op social media moet je zien als een billboard langs de snelweg. Dat vind ik herkenbaar. Beangstigend voor de één misschien? Maar als je weet wat je wilt, en wat je te bieden hebt, dan is dat toch een fantastische kans, dat je een billboard langs de snelweg tot je beschikking hebt! Zorg alleen voor een afslag en een goed parkeerterrein waar je te vinden bent, en je kunt je bereik enorm vergroten.

Wat is nodig?

Wat je nodig hebt is een computer en een internetverbinding. Een telefoon met internetverbinding is erg handig, maar niet noodzakelijk.

Wat je ook nodig hebt is een positieve instelling. Want met een negatieve of klagerige mentaliteit stoot je alleen maar mensen af. Tenzij je een protestbeweging wilt starten.
Tot slot heb je tijd nodig voor gewoon één op één contact met mensen. Want social media zijn zoals de naam als zegt sociaal. Het gaat niet om Hyves of Facebook op zich. Het gaat ook niet om een snelle internetverbinding. Het gaat bij non-profit-gebruik uiteindelijk om het gebruik van de techniek in combinatie met het ontmoeten van mensen.

Waar begin je?

Begin met een eigen website. Die heb je misschien al. Of je kerk of vereniging heeft die al. Mijn tip: doe het met WordPress. Dat is niet een vereiste. Maar via wordpress.com kun je je website op een ideale manier combineren met het gebruik van social media. Je hoeft geen kennis te hebben van computertalen. Je kunt met wat proberen gratis een prima interactieve en dynamische website maken.

Vervolgens zorg je ervoor dat die website te vinden is via Google.  Dat doe je onder andere door je berichten te voorzien van steekwoorden, “tags”.

En probeer geregeld iets nieuws op je website te zetten. Dat zorgt ervoor dat mensen terug komen op je site. Vertel wat er lukt. Laat horen hoeveel geld je binnen hebt gekregen. Zet eens een vrijwilliger in het zonnetje. Bedenk een thema waarover je af en toe een bericht schrijft. Er zijn voorbeelden van predikanten die elke week een uittreksel van hun preek plaatsen. Dat is een methode. Een andere gemeente heeft per dag een thema, variërend van een cartoon, tot een popsong of een diaconaal bericht. Je doet waar je als persoon, kerk of vereniging goed in bent. Wat kun je aan? Het gaat niet om veel tekst. Liever niet! Liever weinig tekst (300 woorden per bericht) en een plaatje. Denk visueel. Dan is je website de plek waar vanuit je met social media gaat werken.

En dus naar Facebook?
Facebook is bekend. Bijna een miljard mensen maakt er gebruik van. Zij zijn naar www.facebook.com gegaan en hebben hun gegevens ingetypt. Veel aanmelders hebben het daarbij gelaten. Maar de meeste aanmelders doen meer.  Want inderdaad is Facebook een interessant social medium, juist ook voor kerken en verenigingen. Van de social media die er momenteel zijn, zou ik deze al eerste aanbevelen.

Een account maken op Facebook is eenvoudig. Zorg vooraf dat je wat foto’s op je computer hebt, die je op je Facebook account plaatst. Zonder foto’s werkt het niet. En bedenk vooraf goed hoe je jezelf presenteert. Ga je als persoon op Facebook je organisatie vertegenwoordigen? Of zet je de organisatie voorop? De beslissing daarover neem je op grond van de praktijk. Een kerk die een team van meerdere mensen heeft, die het account gaan bijhouden, kan zich goed als kerk aanmelden. Alle leden van het Facebook team kunnen bijvoorbeeld zonder onderscheid des persoons berichten plaatsen. Maar een vereniging met één persoon die het hele internet gebeuren “doet”, zou ik aanbevelen om het persoonlijk te houden. Die ene persoon kan zichzelf bekend maken als het gezicht van de vereniging, ook op de naam van de vereniging, maar met zijn of haar eigen foto en naam erbij.

Facebook is goed geschikt om je berichten op je website te delen. Je kunt eenvoudig een link van je website naar je Facebook-account maken. En andersom. Degenen die zich aanmelden op jouw account krijgen dan vanzelf de nieuwe inhoud van je website te zien. En misschien geven ze het door aan anderen. Kijk, en dan wordt het interessant. Of, ook interessant, ze geven commentaar en tips. Daar kun je altijd je voordeel mee doen!

Ook nog Twitter?
Zelf vind ik Twitter een erg prettig social medium. Maar je moet er mee om, weten te gaan. Tieners doen er niet veel mee. Het is iets voor volwassenen, blijkt in de praktijk. Ik heb zelf mijn Twitter account zo ingericht dat wat ik op Twitter zet, dat dat automatisch op mijn Facebook account komt. Dus “ook nog Twitter” is niet aan de orde. Het verwijst allemaal naar elkaar, als je dat wilt. Je kunt van social media gebruik één vorm van communiceren maken, die alle media bestrijkt.

Ik vind zelf Twitter echt iets voor personen. En niet echt iets voor organisaties. Dit is niet helemaal waar, maar zoek zelf maar: in de non profit sector kom je weinig organisaties, maar vooral veel personen tegen die een groot bereik hebben met hun Twitter berichten.

Twitter houdt in dat je berichten van maximaal 140 tekens op je account zet. Als je eraan begint zorg er dan voor dat je met regelmaat berichten twittert. Je krijgt vanzelf mensen die je gaan volgen, zeker als je zelf ook anderen gaat volgen.  Bij twitter gaat het niet in de eerste plaats om plaatjes, maar om tekst. Die tekst kan ook een verwijzing zijn naar je website, een bladzijde op je website, of naar een foto of filmpje van een gebeurtenis in je kerk, verenging of bij je thuis. Dat laatste –thuis- zou ik nooit doen, overigens.

De kracht van Twitter is bijvoorbeeld bewezen in het Midden Oosten waar protestbewegingen ontstonden omdat mensen via Twitter hun idealen en plannen deelden, ook zonder elkaar vooraf te kennen. Ook instellingen in de Openbare Orde en nieuwsredacties volgen twitter als belangrijke bron van informatie.

Twitter is tekst. Twitter is “nu”. Meer dan Facebook, waarop berichten veel langer op blijven staan, is Twitter een moment opname. Het komt en het gaat. Twitter is dus geschikt ook voor gebruik in de communicatie tijdens een bepaalde gebeurtenis, zoals een kerkdienst. Ook personen en groepen die niet fysiek aanwezig zijn, kunnen op dat moment mee communiceren. Anderzijds heb ik ook goede ervaring met een kerkdienst waarin Facebook het toegevoegde medium is. In een dienst die simultaan in Utrecht en in Accra-Ghana gehouden werd, bleek Facebook geschikt, alleen al omdat voor en na de dienst de contacten via Facebook doorgingen. Ook maanden later blijkt er via Facebook nog medeleven en communicatie te zien, die gestart is in die dienst. Bij twitter zul je dat minder snel zien.

Bijzonder bij het gebruik van twitter is nog het gebruik van hashtags. Hashtags zijn woorden met een hekje (#) ervoor. Zo’n gemerkt woord kan iedereen in een tweet opnemen die over datzelfde onderwerp of over diezelfde gebeurtenis wil communiceren. In november is er een landelijke dag voor kerken en social media, en daarvoor is nu al #kerk2012 de hashtag. Met dat woord kun je op twitter eenvoudig alle berichten terugvinden die daarover gaan.

Hyves?

Hyves is ook een interessant social medium. Maar ik zou het niet als eerste aanbevelen. Hyves is uitsluitend Nederlands. Het is een soort facebook voor nederlandse tieners. Het wordt immers vooral door jonge tieners gebruikt. Als je dus als kerk of vereniging specifiek met jonge tieners wilt communiceren, dan kun je goed terecht op hyves. Beter vaak dan met email of sms. Maar hyves is  nogal doelgroep-specifiek.

Let even op Pinterest
Pinterest is één van de nieuwste loten aan de social media boom. Pinterest is een soort foto plakboek. Je zet er herinneringen, foto’s, interessante platjes en artikelen op. Zeer visueel gericht. Gericht op inspiratie doorgeven, en het delen van inkijkjes in wat je aan het doen bent.  Ook bij interest is het weer vooral interessant om het te laten verwijzen naar je website. Websites krijgen meer bezoek van een pin op Pinterest dan van een tweet. Pinterest toont foto’s. Dat is leuk om te zien voor anderen. Een leuke foto wordt al snel ge-repinned. Als je aan je foto een fragment van een tekst of website zet, dan gaan mensen dat graag lezen, en delen met anderen. Of Pinterest een blijvend medium is, moet nog blijken. Maar dat geldt voor de andere media ook.

Niet vergeten: Google + en LinkedIn

Zelf vind ik Google+ het interessantste en makkelijkste social medium van dit moment. Maar het heeft één groot nadeel: er zijn te weinig gebruikers, in verhouding tot Facebook en Twitter. Dus ik beveel een beginner niet aan om in Google+ te stappen. Dat geldt ook voor Linkedin, maar om een andere reden. Linkedin is eenvoudig in te richten. Maar het is voorla gericht op professioneel gebruik. Het is geschikt om zakelijke contacten te leggen, je netwerk uit te breiden of om werk te zoeken of vacatures te  plaatsen. Het is minder sociaal, en meer op de zakelijke kant toegespitst. Interessant zeker voor de gevorderde. Maar een beginnende kerk of vereniging of vrijwilliger of predikant beveel ik het niet bij voorbaat aan. Misschien zit je al wel op Linkedin. Dan moet je daar natuurlijk vooral mee doorgaan. Mijn voorstel zou dan zijn om ook op twitter te gaan en je tweets op je linkedin account te laten verschijnen.

De moed kwijt?

Raak de moed vooral niet kwijt. Je hoeft het hele internet niet te veroveren. Je begint gewoon en probeert op een prettige en positieve manier wat aanhang op te bouwen. Wees daarbij vooral positief: tel je zegeningen, tweet ze één voor één. Volg ook anderen. De goede ideeën en successen en mislukkingen van anderen zijn erg goed om zelf van te leren. Stuur berichten van anderen ook door.

Bedenk vooraf wel of je hier plezier in kunt gaan krijgen. Want alle tijd erin steken, om dan na een paar maanden geen berichten meer te maken of bij te houden, dat is jammer van je tijd. Besteed aandacht aan opmerkingen over jouw site, of over je Facebook pagina. Want die interactie is de manier om een netwerk op te bouwen! Aan de techniek, aan de strategieën en vooral aan de interactie besteden we aandacht op 3 november: kerk2012.

Op 3 november komt er een landelijke dag voor kerken, over Social Media. In Utrecht. Deels in het hoofdkantoor van de PKN. Én  in het gebouw van een plaatselijke wijkkerk. Want Social Media is overal én lokaal, voor iedereen te volgen én persoonlijk, een communicatiemiddel én een pastoraal medium.

Een landelijke dag dus over Social Media. Werktitel: Kerk 2012, Social Media, missionaire buitenkans of drukte om niets.

Voor wie? We hebben meerdere routes.

Voor beginners zijn er workshops over wat je als persoon of kerk wilt, kunt en kiest. Je wordt echt geholpen bij het maken van een keuze, en je gaat met een werkend account de dag uit, in contact met een enthousiaste jongere, die je -via een sociaal medium- helpdesk zal zijn.

Verder zijn er speciale workshops voor voorgangers en predikanten, voor gemeenteadviseurs, voor  jongerenwerkers, voor regionale groepen, voor websiteredacties van kerken of parochies of gemeenten.

Ook voor gevorderden is er een route. Keuze uit workshops waarin doorgedacht wordt over gevolgen voor de structuur van je kerk, voor de inhoud van je boodschap, voor vormen van vieren.

Er is uitwisseling en informatie. De nadruk ligt op de missionaire kant van Social Media. Het is dé manier om nieuwe groepen te bereiken, met flexibele en bewegende mensen mee te bewegen, en om community op te bouwen.

Heb je ideeën?

Heb je vragen?

Reageer!

Stuur dit door.

Laat je horen?

Wil je meedoen?

Heb je vragen?

Post it!

Tweet it!

Pin it!

Want dat is Social Media: niet meer één afgesloten groep die alles bepaalt, maar openheid en transparantie en continu feedback.

Doe je mee aan kerk 2012?

DigiFolder_vluchtelingen3

Klik even op het linkje hierboven. Dan zie je een folder over een project in Utrecht. Drie avonden lang is er in maart en april in de Triumfatorkerk/Kanaleneiland een discussie over de mensen zonder papieren, zonder status dus. De politiek is klaar met hen. Volgens de instellingen bestaan ze niet. Maar op straat en in en rond de kerk hebben we volop tre maken met mensen zonder status. De vraag is wat we als religies werkelijk te bieden hebben. We doen wat aan opvang. We gaan mee om te bemiddelen bij instanties, ziekenhuizen, artsen, advocaten, huisbazen. Soms hebben we wat geld om te helpen. Maar meestal is het vooral tijd, aandacht, inzicht. Wat kun je doen, als iemand in nood is, maar geen papieren heeft? Op 27 maart, 10 april en 27 april vinden de avonden plaats. Kerken en andere religieuze groepen buigen zich over de vraag: wat doen we en wat kunnen we concreet doen, bij wat we op straat tegenkomen? 19.30 starten we. Marco Pololaan 187.

Joan Franka gaat voor Nederland naar het Songfestival. In indianenoutfit gestoken zong ze “You and me”. Ze bleek de winnares! Dat is mooi. Nu op naar het Songfestival. Misschien wint ze daar ook?

Dat ze het festival wint is maar een heel klein kansje. Want wat zie je dan? Oost Europese landen stemmen op Oost Europese zangers. En West Europese stemmen op andere vrienden.

De winnaar is wie de meeste vriendjes heeft.

Eén van onze kerken, in Kanaleneiland, heet Triumfatorkerk. Dat betekent dus “Kerk van de Overwinnaar”. Zijn we winnaars? Nee, want we hebben niet de meeste vriendjes hier. De meeste mensen in de wijk gaan niet naar een kerk. We hebben bovendien meer betrokken leden die zorg behoeven in de ouderenhuizen, dan er op zondagmorgen in de kerk komen. Toch bruist deze kerk van de activiteiten. En de plannen nemen alleen maar toe. We zijn hier nu een totaal nieuw project aan het starten. We gaan veel meer met jongeren en de wijk aan de slag. De zorg voor ouderen houden we hoog. Maar we vinden het gewoon niet goed dat deze wijk zonder actieve, betrokken, christelijke gemeenschap zou zitten. We geloven niet dat deze wijk een verloren zaak is voor Jezus, of voor zijn gemeente.

We zijn dus niet overwinnaar door het hebben van de meeste vriendjes. Ook niet door in een indianenpak de meeste aandacht te trekken. We overwinnen alleen de gedachte dat een wijk verloren is. Overwinning dus, door geloof in Jezus’ bedoeling met ook deze wijk. We overwinnen de grenzen tussen arm en rijk, jong en oud, gelovig en ongelovig, moslim en christen. Dus eigenlijk past de titel van het liedje “You and me” wel heel goed bij deze kerk die Triumfatorkerk heet. Het liedje is alleen nostalgisch: het gaat over een jeugdliefde van vroeger. Als gemeente hebben we het over liefde nu. “En de winnaar is….Gods liefde voor mensen als you and me”.

“Allemaal van harte welkom in mijn nieuwe huis. Ik houd een housewarming. Fijn als je komt.” Nog niet iedere lamp hangt en nog niet elke schroef is in de muur. Maar je woont op het nieuwe adres. Jouw adres. Het voelt goed. Heerlijk! Iedereen moet dat komen zien. Dan weten ze gelijk de weg, de volgende keer. En de nieuwe buren kun je dan ook gelijk leren kennen. Een house warminig!
In de kerk is belijdenis doen zo’n house warming. Je hebt allerlei geloof-stukjes meegekregen. En echt nog niet alle stukjes hebben precies hun definitieve plek. Maar je geloof is bewoonbaar. Het heeft een plek in je leven. Het voelt goed. Het wordt dan tijd om het te vieren. Vrienden, familie, de gemeente-buren/leden, allemaal zijn ze welkom om dit te vieren. Je zit niet tijdelijk ergens. Maar je bent te vinden op dit adres, je gelooft, op jouw manier.
In de bijbel is het Pinksterfeest zo’n housewarming. Mensen die Jezus hadden gekend zitten hij elkaar in een huis. Tot op een moment dat ze begrijpen dat dit het is. Dit “wij hebben Jezus gekend” is hun geloof. Ze krijgen het warm van die ontdekking: vuur op hun hoofden.
Ze gooien de deuren van het huis open, en nodigen iedereen uit om het met hen te vieren. Want zo gaat dat met vuur: als je het deelt wordt het meer. Zo gaat het ook met geloof: als je het deelt, wordt het meer. En zo gaat het met een huis: als je iedereen uitnodigt in je huis, wordt het meer jouw huis.
Dat is belijdenis doen.
In de Pniëlkerk doen mensen op 27 mei, Pinksterfeest, belijdenis. Welkom op hun house warming. Of heb jij ook wat te vieren? Laat maar van je horen.
Aan een house warming doe ik altijd mee!